IMG_2184.jpg

Richard van der Linde

  • Richard van der Linde

Eckhart Tolle voor managers

Iedere baan heeft prettige en onprettige aspecten, zelfs een droombaan. Als manager heb je de taak om al het werk uitgevoerd te krijgen, zowel op korte als lange termijn.

Onprettige taken hoeven echter niet altijd weerstand op te roepen, maar waar dit wel het geval is, kan de uitvoering van het werk leiden tot de opbouw van spanning, wat dan weer leidt tot kwalen of gedragsproblemen die het leven van zowel de medewerker als manager uitdagender maken.

Weerstand kan gebaseerd zijn op een onwerkelijk beeld van een situatie, maar het bestaan van de weerstand is dan onverminderd waar. Wie de filosofie van Eckhart Tolle* in de praktijk wil brengen, doet er goed aan om weerstand bij medewerkers altijd aandacht te geven – te erkennen en te onderzoeken. Daarmee voorkom je veel stress-gerelateerde problemen. Ik zal uitleggen waarom. (*Waar ik Eckhart Tolle schrijf, geldt hetzelfde voor Sam Harris, Alan Watts, Jan Geurtz, Osho, Deepak Chopra en andere schrijvers die primair op Zelf-Acceptatie gericht zijn.)

Een specifieke vorm van aandacht Door in te zoomen op een onprettige situatie en de gedachtes en emoties die de situatie voortbrengt, wordt duidelijker met welk specifieke aspect iemand moeite heeft.

Soms blijkt er dan sprake van een irrationele angst, de perceptie van gebrek aan ruimte waar die ruimte er wel is of een onvermogen om het ongemak te voelen dat hoort bij het verleggen van een grens. Door onderzoekend vast te stellen of de perceptie klopt en of het mogelijke ongemak werkelijk onacceptabel is om te beleven, wordt de weerstand vaak weggenomen en kan de taak alsnog uitgevoerd worden.

Andere keren kan er toch weerstand overblijven. Dan druist het werk blijkbaar in tegen wat voor iemand intuïtief juist of onjuist voelt. Dan vraagt het om een ander soort oplossing.

Ruimte voor intuïtie Als werkgever die de filosofie van Tolle etc. toepast, zou het logisch zijn om ruimte te bieden voor een mismatch tussen een taak en wat voor iemand intuïtief juist voelt. Dat betekent niet dat je medewerkers ruimte geeft om alles wat onprettig voelt af te stoten. Het betekent dat je ze ruimte geeft om af te stoten wat niet goed voelt nadat de emoties zijn doorleefd – ze ruimte geeft om authentiek te zijn.

Het betekent ook dat je een open dialoog hebt met medewerkers die intuïtief veel taken onjuist vinden voelen. Want als je zelf door die optelsom het gevoel krijgt dat iemand niet op zijn plaats is in jouw team, is daar net zo goed ruimte voor om consequenties aan te verbieden. (Je kunt namelijk iets zowel accepteren als er een consequentie aan verbinden.)

In veel gevallen komt ongemak voort uit ego-zaken, is de weerstand weg te nemen en is van consequenties helemaal geen sprake. Dat proces zal met medewerkers die ook boeken van Tolle of soortgelijke schrijvers lezen makkelijker gaan. Bij diezelfde medewerkers kan echter ook een soort weerstand opspelen dat niet zal zijn weg te nemen. Die weerstand heeft betrekking op Purpose en Mission Statements.

Een andere kijk op Purpose Met de toename van welvaart is ook steeds meer ruimte ontstaan voor het geven van betekenis aan werk – één van de hogere niveaus in de piramide van Maslow. Dat sluit ook aan op de trend om, onder aanvoering van opinieleiders als Simon Sinek, je activiteiten te ontplooien vanuit de ‘Why’.

Tegenwoordig heeft ieder bedrijf met enige schaal wel een uiting waaruit blijkt dat ze iets goeds willen doen in de wereld. Ook in het boek van Tolle vind je de term Purpose, maar hij gebruikt het op een heel andere manier.

Het vertrekpunt van Tolle is dat werk, net als alles in het leven, in essentie fungeert als een slijpsteen om Presence mee te cultiveren. Presence is overigens een soort van state of mind waarin er geen mind is (op mijn website kan je daar mee over lezen). Hij maakt dan ook onderscheid tussen Inner Purpose en Outer Purpose.

Presence steeds hervinden en vasthouden is voor hem de Inner Purpose bij alles wat je doet. De Outer Purpose is het spel dat je kiest als context om dit vermogen verder te ontwikkelen. De Outer Purpose is bijvoorbeeld het project of de baan waar je je aan committeert. Je weet dan dat het je Presence zal challengen, net als dat een gewicht in de sportschool je spieren zal challengen wanneer je het in beweging probeert te brengen. Het lastige aan het woord purpose, is dat het de indruk kan wekken dat het werk an sich tot iets goeds moet leiden. In zekere zin impliceert het conceptuele raamwerk van Tolle dat werkzaamheden die je leven en dat van anderen meer in balans brengt van nature vaak zullen aanspreken, maar het model impliceert ook dat wie erin gelooft dat die balans belangrijk is om na te streven, er alleen maar meer onbalans mee zal creëren. Door het volgen van intuïtie zal je dan waarschijnlijk alsnog tot de challenge worden gebracht om werk aan te nemen dat indruist tegen alle denkbeeldige normen over goed en fout.

The road to hell is paved with good intentions.

De ideale manager voor Eckhart Tolle lezers Als het bedrijf waar je mensen managed een mission statement en/of activiteiten heeft die een normatief kader over goed en fout impliceren, dan zal dat bij Eckhart Tolle lezers vroeg of laat weerstand oproepen om uit te dragen. Het past namelijk niet bij ze.

Mijn ervaring is dat het veelal onbewust doorwerkt en bijdraagt aan de stress die mensen voelen bij hun baan. Iets doorlopend moeten doen dat inauthentiek is – hoe klein ook – heeft een hoge prijs.

Als manager heb je mogelijk met mensen te maken die Eckhart Tolle lezen of op een andere manier Oosterse wijsheidstradities (al dan niet in soortgelijke light-variant) omarmd hebben. Ook yoga en (mindfulness) meditatie vallen daar onder. Het kan enorm lonend zijn om met hen stil te staan bij hun Inner en Outer Purpose.

Misschien loont het zelfs wel om ze vrij te stellen van het uitdragen van het mission statement of andere goede zaken waar het bedrijf voor staat, net zoals steeds vaker uitzonderingen worden gemaakt voor medewerkers met religieuze principes. Al betreft hete hier natuurlijk geen geloof maar een on-geloof. Presence zou je namelijk ook kunnen verwoorden als geloofloosheid.

De (economische) waarde van Presence op werk Als je Present bent, neem je hetzelfde waar als anderen. Het enige verschil is dat je het niet uit automatisme vertaalt naar concepten – gedachtentaal. Dat is namelijk wat een brein doet dat in de conceptuele stand staat.

Niet dat er iets mis is met die stand. Het levert alleen problemen op wanneer je die stand niet meer kunt afzetten. Dat is wat er gebeurt als je langere tijd op die stand staat, met als gevolg dat je zelfs een conceptueel zelfbeeld ontwikkelt, waardoor je steeds vaker zult kiezen voor wat comfortabel voelt en zo onbedoeld op lange termijn uit het oog verliest wat authentiek is voor je.

Dat probleem vanuit de conceptuele stand oplossen komt dan ongeveer neer op een brand blussen met benzine. Stress neemt er door toe, totdat alle perspectief verdwenen is en iemand zich overgeeft – de burn-out.

Met een Inner Purpose om Presence te cultiveren, zou je dat pad weer omgekeerd bewandelen. Presence is de non-conceptuele stand – een moment mét hersenactiviteit, maar zónder gedachtentaal.

Gebeurtenissen zullen emoties triggeren en door die te doorvoelen neemt spanning af en komen ongefundeerde overtuigingen bloot te liggen, zodat je ze kunt doorzien en ze in de toekomst minder invloed hebben. Uiteindelijk doorzie je ook het conceptuele zelfbeeld – die niks meer is dan een meta-overtuiging – en lost die ook op. Daarna is het business as usual, maar zonder de spanning. Eerst tijdelijk en met oefening steeds vaker en langer.

Als manager ruimte bieden voor weerstand kan gedoe opleveren. Je moet er tijd en middelen voor vrijmaken en je zal soms uitzonderingen moeten maken op wat je van iemand verwacht. Dat klinkt misschien als een new age-achtig pleidooi om mensen alleen te laten doen wat ze prettig vinden, maar dat is het niet.

Ik hoop dat dit stuk duidelijk maakt waar de nuance zit en hoe aandacht voor weerstand juist kan leiden tot een team van medewerkers dat met volle overgave zowel prettige als onprettige taken gaat uitvoeren en waar minder stress en burn-outs voorkomen. Dat heeft zowel economische waarde als iets dat niet in geld is uit te drukken.